Een dagschema met pictogrammen maken, stap voor stap
Een dagschema met pictogrammen laat in plaatjes zien wat er vandaag gebeurt en in welke volgorde. Je maakt het in zes stappen: kies een dagdeel, schrijf de activiteiten op, kies duidelijke picto's, zet ze op volgorde, houd het kort en gebruik het elke dag op dezelfde manier.
Bijgewerkt 30 september 2026 · 6 min lezen
Wat is een dagschema met pictogrammen?
Een dagschema (ook wel dagritme, dagplanning of planbord genoemd) is een rij plaatjes die de dag in stukjes laat zien: opstaan, ontbijten, naar school, spelen, eten, slapen. Elk plaatje staat voor één activiteit. Wie het schema bekijkt, ziet in één oogopslag wat er nu is en wat er daarna komt.
Veel ouders kennen het van school of de kinderopvang, waar dagritmekaarten aan de muur hangen. Thuis werkt het net zo. Een dagschema kan helpen bij kinderen met autisme, bij kinderen en volwassenen met ADHD of een verstandelijke beperking, en bij mensen met dementie. Maar eigenlijk heeft iedereen er wat aan die houvast zoekt in de dag.
Waarom plaatjes en geen woorden?
Gesproken woorden zijn weg zodra je ze hebt gezegd. Een plaatje blijft hangen. Je kind kan er zo vaak naar kijken als het wil, zonder het steeds te hoeven vragen. Dat geeft rust, voor je kind en voor jou.
Ook kinderen die al goed lezen, hebben vaak baat bij een plaatje. Het is sneller te begrijpen, zeker als er veel prikkels zijn of als je kind moe is.
Een dagschema maken in 6 stappen
Stap 1: Kies welk deel van de dag je wilt laten zien
Begin klein. Een schema voor de hele dag is voor veel kinderen te veel. Kies één moment dat nu lastig loopt, zoals de ochtend voor school of de middag na school. Gaat dat goed, dan kun je er later een stuk bij maken.
Stap 2: Schrijf de activiteiten op
Loop in gedachten door het dagdeel en schrijf op wat er gebeurt. Wees concreet: ‘aankleden’ is duidelijker dan ‘klaarmaken’. Twijfel je of iets een aparte stap moet zijn? Kijk dan naar je kind. Waar loopt het vast? Daar helpt een eigen kaart.
Stap 3: Kies duidelijke pictogrammen
Kies per activiteit één plaatje. Let daarbij op een paar dingen:
- Eén betekenis per picto. Een tandenborstel is ‘tanden poetsen’, niet ook ‘badkamer’.
- Steeds hetzelfde plaatje voor dezelfde activiteit. Wissel niet af.
- Herkenbaar voor jouw kind. Sommige kinderen snappen een tekening meteen. Andere hebben meer aan een foto van hun eigen fiets of hun eigen school.
- Een woord eronder. Dan zegt iedereen hetzelfde, ook opa of de oppas.
Meer over het kiezen van plaatjes en waar je gratis sets vindt, lees je in pictogrammen kiezen en gratis vinden.
Stap 4: Zet ze op volgorde
Leg de kaarten van links naar rechts of van boven naar beneden. Kies één richting en houd die aan. Van boven naar beneden past goed op een deur of op een smalle strook naast de koelkast. Van links naar rechts sluit aan bij hoe we lezen.
Stap 5: Houd het kort
Laat niet meer zien dan je kind kan overzien. Voor een jong kind, of een kind dat snel overprikkeld raakt, zijn drie tot vijf kaarten vaak genoeg. Een ouder kind kan soms een hele ochtend of een hele dag aan. Te veel kaarten maakt een schema juist onrustig.
Stap 6: Hang het op en gebruik het elke dag
Hang het schema op ooghoogte van je kind, op een plek waar het vaak langskomt. Bekijk het 's ochtends samen en wijs door de dag heen steeds de kaart aan die nu aan de beurt is. Is een activiteit klaar? Draai de kaart om, haal hem eraf of zet er een vinkje bij. Zo ziet je kind dat de dag opschiet.
Een voorbeeld: een woensdag
Zo kan een eenvoudig schema voor een woensdag eruitzien:
| Tijd | Pictogram | Activiteit |
|---|---|---|
| 7.15 | bed | Opstaan |
| 7.30 | boterham | Ontbijten |
| 7.50 | kleren | Aankleden |
| 8.10 | tandenborstel | Tanden poetsen |
| 8.20 | fiets | Naar school |
| 12.30 | huis | Thuis, lunchen |
| 13.30 | zwembad | Zwemles |
Tijden zijn niet verplicht. Voor sommige kinderen geven ze houvast. Voor andere kinderen zorgen ze juist voor onrust (‘het is al 7.32!’). Laat ze dan weg en werk alleen met de volgorde.
Dagritmekaarten, planbord of strook: wat kies je?
Er zijn verschillende vormen. Ze doen allemaal hetzelfde, dus kies wat bij jullie past.
- Een strook met alle plaatjes op één vel papier. Snel gemaakt en makkelijk mee te nemen.
- Losse dagritmekaarten met klittenband op een planbord. Handig als de dag vaak verandert: je wisselt gewoon een kaart.
- Een boekje met één bladzijde per activiteit. Fijn voor kinderen die maar één ding tegelijk willen zien.
- Een scherm, zoals een tablet of een horloge. Handig onderweg en op school.
Een strook of losse kaarten maak je gratis met de dagschema-maker. Je zoekt pictogrammen op een Nederlands woord, zet ze op volgorde en print ze. Je hebt er geen account voor nodig.
Veelgemaakte fouten
- Het schema maken en het dan vergeten. Een schema werkt pas als je het elke dag gebruikt, ook op dagen dat het goed gaat.
- Te veel tegelijk. Begin met één dagdeel en bouw rustig op.
- Alleen aan de muur. Neem het schema mee als jullie de deur uitgaan, of maak een kleine versie voor in de tas.
- Wijzigingen niet laten zien. Gaat het zwemmen niet door? Haal de kaart weg en laat zien wat ervoor in de plaats komt. Liefst samen, en zo vroeg mogelijk.
- Het schema gebruiken als beloningskaart. Een dagschema laat zien wat er komt. Het is geen lijst met opdrachten die je kind moet ‘halen’.
Wisselingen tussen activiteiten blijven vaak lastig, ook met een schema. Tips daarvoor lees je in overgangen makkelijker maken.
Als de dag anders loopt
Ook met een schema gaat niet alles volgens plan. Een vriendje zegt af, het regent, de juf is ziek. Veel ouders maken daarom een kaart voor ‘iets anders’, met een vraagteken erop. Die leg je op het schema als je nog niet weet wat er komt. Zo wordt ook onzekerheid een vast onderdeel van de dag.
Wil je het schema niet aan de muur, maar om de pols? Met GentleTime zet je de dag klaar in de app en ziet je kind op een smartwatch wat er nu gebeurt en wat er daarna komt. Bij elke wissel trilt het horloge zachtjes. Lees meer in een smartwatch als dagschema.
Veelgestelde vragen
Vanaf welke leeftijd werkt een dagschema?
Dat hangt meer af van wat je kind begrijpt dan van de leeftijd. Snapt je kind dat een plaatje bij iets echts hoort, zoals een foto van de beker bij de beker zelf? Dan kun je beginnen met twee of drie kaarten. Twijfel je, vraag dan de school of een ergotherapeut om mee te denken.
Moet ik tijden op het schema zetten?
Nee. Voor een kind dat de klok kan lezen en houvast heeft aan tijden, is het fijn. Voor een kind dat onrustig wordt als iets een paar minuten uitloopt, werkt alleen de volgorde vaak beter.
Wat doe ik als mijn kind het schema negeert?
Maak het korter en bekijk het samen op een rustig moment. Wijs steeds eerst de volgende kaart aan, voordat je iets zegt. Het kan een paar weken duren voordat een schema gewoon wordt. Blijft het niet werken, dan kan een foto in plaats van een tekening helpen.
Hoeveel pictogrammen zet ik op één schema?
Zoveel als je kind kan overzien. Voor jonge kinderen zijn drie tot vijf kaarten vaak genoeg. Maak liever een paar korte schema's, bijvoorbeeld één voor de ochtend en één voor de avond.
Kan ik een dagschema gratis maken en printen?
Ja. Met de gratis dagschema-maker kies je pictogrammen, zet je ze op volgorde en print je een strook of losse kaarten. Het werkt in je browser en je hebt geen account nodig.
Maak gratis een dagschema om te printen
Kies uit zo’n 3.000 pictogrammen, zet ze in de goede volgorde en print een strook, een rij of kaartjes om uit te knippen. Zonder account.
Naar de dagschema-makerDeze gids bevat algemene, praktische informatie. Het is geen medisch, therapeutisch of pedagogisch advies en er kunnen geen rechten aan worden ontleend. Iedereen is anders: vraag voor persoonlijk advies een professional die de persoon kent.